Via het kijkgaatje in de deur, welk zo mooi laat
zien wie zich aan de andere kant bevindt, onderscheidde ik vaag een persoon. Vermoedelijk
van mannelijke kunne gezien zijn gestalte, breed geschouderd, kort haar en
gekleed in korte broek tot aan de knieën. Het beeld was vaag, onscherp. Waarschijnlijk
veroorzaakt door gebrek aan regelmatig goed onderhoud van de lens waar het stof
tegenaan kleefde.
De manager van het condominium die klachten
van de buren kwam overbrengen? Zou niet weten waarover. De parkeerwachter uit
de parkeergarage die kwam vertellen dat mijn auto is aangereden, of door een
onverlaat is gejat? Of zomaar iemand die mijn schoenen wilde poetsen, mij Thai
massage wilde aanbieden of een Jehova getuige die mij wilde bekeren. Het is
echt waar, maar zelfs hier is dit tuig doorgedrongen en probeert de bevolking
hun waanideeën op te dringen.
Om een goed beeld te krijgen wie het was en
vooral waarmee ik hem van dienst kon zijn, opende ik de deur op een kier met
het veiligheidskettinkje ingehaakt als hopeloos symbool van mijn “Home is my
Castle”. De brug weliswaar een klein beetje neergelaten, maar nog net niet
genoeg om de indringer vrije toegang te verlenen. Nu het beeld wel scherp was,
loerend door de kleine opening van de deur, zag ik de echtgenoot van mijn
speeltje. Die komt verhaal halen in opdracht van zijn vrouw die zich door mij miskend
voelt, schoot het door mij heen. Of hij komt mij een brief overhandigen waarin
ik uitgenodigd word om op een bepaalde datum te verschijnen op een landgoed met
een open veld waar wij dan tot een duel konden overgaan. Ieder een pistool, de
ruggen tegen elkaar, hierna tien stappen van elkaar af, omdraaien en schieten. Prachtig,
en zijn vrouw, de door mij versmaadde vriendin, zou getuige zijn en had er zorg
voor gedragen dat de pistolen geladen waren waarbij zij per ongeluk was vergeten
de mijne ook van een kogel te voorzien.
Hij was het dus die had geklopt en ik wipte
het kettinkje uit de deur en deed deze wagenwijd open. ‘Come in!’ En dit deed
hij. Met zijn vriendelijke lieve gezicht. Zijn krachtige lichaam. Zijn stevige
handdruk met hierna alsnog een Wai, want zo hoort dat. Westers en oosters
gebruik kunnen best gecombineerd. En zo deed ik ook maar een Wai, wat ik
overigens nog steeds een idiote handeling vind voor een farang, maar goed. Of
ie wat wilde drinken. Nee? Oké, waarmee kan ik
je van dienst zijn? Het ging, zoals ik al vermoedde, over zijn vrouw. Zij had
alles opgebiecht. Niet dat de biecht hem
erg van zijn stuk had gebracht en hij nu als de jaloerse echtgenoot mij om zou
willen leggen, nee erger. Veel erger. Dat ik zijn vrouw min of meer de laan had
uitgestuurd kon hij wel begrijpen, maar hij vroeg zich wat ongerust af hoe het
nou verder moest, met mij.
‘Hoezo?’
‘Nou ja, de was, de afwas, het bed opmaken, de
vloer aanvegen . . . Thai massage misschien?’
Hij keek mij ondertussen ongerust aan want een
oude zieke man alleen op een appartement met niemand om zich heen, was vragen
om grote problemen.
Ik probeerde mij een voorstelling te maken hoe
die problemen er dan uit zouden zien waarover hij zich zo ongerust maakte. Hooguit
dat ik in mijn slaap het ondermaanse zou verruilen voor het hemelse waar men na
verloop van tijd vanzelf wel achter zou komen gezien de penetrante lucht die
bezit had genomen van het appartementencomplex. Zelf zou ik hier geen last van
ondervinden, dus was het ook niet mijn eerste zorg. Zorgen behoren de levende
toe, waar ik tot nu toe nog steeds bij hoor, maar om mij zorgen te maken hoe ik
als lijk gevonden word is nou niet bepaald een reden om constant iemand om mij
heen te hebben. En zeker niet iemand die het hele proces van overlijden best
een zetje in de rug wil geven. Ik bedoel maar, seks kan een man behoorlijk
uitputten en zijn gestel verzwakken, zo niet volledig vernietigen.
Het kwam na verloop van tijd op mij over dat
haar man best bereid was de taak van zijn vrouw over te nemen. Elke dag even
langs komen om te zien of ik überhaupt nog wel bestond en als dit het geval
was, dan maar mijn afwas wilde doen, mijn bed opmaken, de vloer aanvegen met
eventueel een Thai massage. Het zal toch niet, dacht ik. Ik heb mijn hele
seksueel actieve leven nog nooit enige twijfel gehad over mijn voorkeur, dit
met enige regelmaat laten blijkend, vraagt een getrouwde man mij via een omweg
of ik zijn capaciteiten als “housekeeper plus” zou kunnen appreciëren. Mijn bed
mag hij best elke dag opmaken, de afwas doen ook, evenals de vloer aanvegen.
Hij mag zelfs even controleren of ik nog tot de levende behoor, gewoon via een
vraag -en antwoordspelletje. Maar een Thai massage gegeven door twee kolenschoppen
van handen waar van onder de nagels nog de resten van mest zitten die hij
diezelfde ochtend nog had uitgestrooid over zijn stukje grond waar hij het
avondeten op verbouwd!?
Ondertussen keek hij recht in mijn ogen. Zag
ik nou zijn linkeroog een zenuwtrekje vertonen. Waarom stond hij trouwens zo
dicht bij mij. Zo zacht praat ik toch niet. En doof ben ik maar een klein
beetje. Ik zocht een uitweg om van zijn aanbod af te komen, en dit dan zonder
hem te beledigen wat snel kan gebeuren hier in Thailand. Een verkeerd woord,
een verkeerde gelaatsuitdrukking, en hup, de poppen aan het dansen. De
volledige motorclub op je stoep, leuk, een appartementje verbouwen plus de
bewoner. Dus bleef ik in eerste instantie maar vriendelijk tegen hem glimlachen
en kwam mijn redding door andermaal een klop op de deur. ‘Sorry,’ zei ik, ‘even
opendoen.’ Zonder eerst door het kijkgaatje te loeren wie zich aanmeldde,
opende ik de deur en keek in het gezicht van mijn ex-speeltje. ‘Darling!’ riep
ik vol enthousiasme. ‘You’er back.’