vrijdag 9 januari 2015

De oude man en zijn fantasieën


Godsamme, vroeger had ik dat nog wel eens. Als ik mijn zin niet kreeg en daardoor nachten wakker lag, strategieën bedenkend hoe ik de zaak zo kon manipuleren dat alles 180 graden draaide en ik als de overwinnaar uit de bus kwam. Nu lijkt het als bijna zeventig jarige dat ik de pubertijd nog niet verlaten heb, de adolescentie niet en zelfs nooit volwassen ben geworden. Of ik mij daar voor schaam? Ja! Maar nog niet zo erg dat ik het uit mijn hoofd laat om telkens een nieuw avontuur te zoeken waarvan ik bij voorbaat op mijn vingers kan natellen dat een nieuwe affaire misschien wel heftig kan zijn, maar tevens even vruchteloos zoals ik zelf al dertig jaar ben.


Wat kunnen vrouwen toch keihard zijn. En wat kunnen Thaise vrouwen toch hard zijn. Tuurlijk, daar ligt het aan. Thaise vrouwen. Overal op de wereld zijn zij anders, maar nooit zo als een Thaise. Keihard. Zie mij nou, met tranen in mijn ogen. Het was wel even persen, maar hierna was toch duidelijk te zien dat er tranen naar buiten wilde rollen, over mijn wangen tot aan mijn lippen waar vandaan ik ze dan weg zou vegen met de rug van mijn hand. Hierna zou ik mijn neus ophalen, zij zou mij medelijdend aankijken en uiteindelijk haar hart uitstortend beweren dat zij nog net zoveel van mij hield, mij eigenlijk niet kon missen en voor eeuwig bij mij wilde blijven.
‘Ja?’ zou ik vragen met een snik in mijn stem, en het noodlot leek afgekeerd en ik had de zaak weer in de hand.

En dit gebeurde dus allemaal niet. Integendeel.
Die tranen wilde niet komen hoe ik ook probeerde, haar bewering dat zij nog net zo veel van mij hield bleef dien ten gevolge ook weg, laat staan dat zij zei mij niet te kunnen missen en voor eeuwig bij mij te willen blijven. Het enige wat ik kon opbrengen was een beetje sip kijken en dit nodigde bepaald niet uit tot een liefdesverklaring harerzijds, eerder tot een zakelijke houding waaruit naar voren kwam dat als ik niet in staat was om voor haar te zorgen, zij dit erg jammer vond, maar zo lagen de zaken nou eenmaal, en als zij een man zou kiezen is het “zorgen voor” de eerste belofte die hij moet doen.

Nou dan niet, dacht ik al snel en stopte met verdere pogingen medelijden bij haar op te wekken waaraan gekoppeld het gevoel van eeuwige liefde, die natuurlijk niet bestaat maar wel lekker voelt als je daar in gelooft. De liefde van de man gaat door de maag, de liefde van de vrouw gaat via de portemonnee, sorry, die van de Thaise vrouw natuurlijk.

Dus lig ik ’s nachts wakker en bedenk een strategie en bedenk of ik wel een strategie wil en vooral wat ik er precies mee wil want er lopen zoveel schatjes rond die ik met wat forse leugens tezamen met het uitdelen van wat bath’s, best wel om mijn vingers zou kunnen wikkelen. Vervolgens lig ik wakker met de vraag of ik hartstikke gek aan het worden ben en het niet eens tijd wordt om te accepteren dat ik op een ouwe vieze man begin te lijken, wat ik dan weer verwerp met de gedachte dat ik mijzelf ook niet gemaakt heb en er dus ook niks aan kan doen bepaalde gevoelens te hebben die meer passen bij een veel en veel jonger iemand. Hormonen, testosteron? Ik weet het niet. Ik probeer te bedenken of het misschien komt door de wetenschap dat het leven van korte duur is en naar mate je ouder wordt dit gegeven steeds tastbaarder. Er nog uit proberen te halen wat er in zit, is zo’n beetje het issue.

Het grote afwachten is begonnen. Hoe gaat het balletje rollen. Wanneer gaat de telefoon rinkelen. Niks. Tot nu toe dan. ’s Avonds zit ik alleen in een restaurant, veel langer dan wat de maaltijd van mij vraagt, en drink te veel bier wat ik vroeger nooit deed. Ondertussen kijk ik naar de meisjes die in de bediening werken. Jonge meisjes, studentes vermoed ik, die bij lopen te verdienen. Ik pik er zo drie uit die wat mij betreft mee kunnen dingen aan de “Miss World” verkiezingen. Zij glimlachen als zij mij een nieuwe Leo bier brengen en willen voor mij het glas vullen waarbij ik te kennen geef dat ik dit liever zelf doe omdat ik geen Engelsman ben en graag een mooie schuimkraag zie. Niet begrijpend blijft een van hen mij glimlachend aankijken. En daar gaat ie weer.

‘What’s your name?’
‘Ooi.’
‘How old are you?’
‘Twenty One.’
‘What your study?’
‘Agriculture.’
‘Do you have Boyfriend? Hushband, Baby?’
‘No,’ zegt zij en kijkt er bij alsof ik haar aan een kruisverhoor onderwerp.

Zij verlaat mijn tafel met de vraag of ik zo nog een flesje bier wil. Welja, waarom niet, laat ik weten in een mengsel van gebarentaal en iets dat op Thais dient te lijken. Ik volg haar met mijn ogen en zie mooi gevormde billen, een slanke taille, lange bruine benen in haar korte rokje. Het is nog laat warm buiten, zo begin januari. Haar kleding bevestigt dat. Al snel is zij terug en brengt mij een nieuw flesje ijskoud bier. Zij wipt het kroonkurkje van de fles en wil mijn glas bijschenken. Ik geef het teken dat ik dat zelf graag wil doen en weer glimlacht zij. Mooie mond. Mooie volle lippen. Haar ogen zijn ook mooi, alhoewel deze nauwelijks te zien zijn en lijken het meer spleetjes waar doorheen de omgeving waargenomen wordt. Haar omgeving ben ik, op dat moment. Tenminste, dit wens ik. Zij blijft wat bij mijn tafeltje hangen en begint dan zelf met vragen.

‘Where you come from?’
Als ik haar het antwoord geef kijkt zij met een blik vol van onbegrip. ‘Europe,’ zeg ik uiteindelijk.
‘Ahh, America,’ zegt zij.
Ik zucht. Ja hoor, Amerika. Wat die kinderen hier toch leren op school? Geen topografie is mijn vermoeden. Dan vraagt zij of ik een Madam heb of dat ik alleen ben. Het spel is begonnen. Geen Madam, dat is interessant. Een blanke miljonair zonder Madam is een dikke vette vis die er om vraagt gevangen te worden en geconsumeerd. Eerst fileren natuurlijk, hem om mijn vingers wikkelen, verliefd laten worden, uiteindelijk alles weg willen gevend, en mijn kostje is gekocht met een Toyota Prius met op het kenteken zo’n leuke sticker waarop “Hello Kitty” staat, en een leuk huis op haar naam dat hij heeft laten bouwen om daar samen te gaan wonen. 

Haar glimlach is nu een brede lach geworden zodat zij haar hagelwitte tanden toont. Maar gepokt en gemazeld ken ik het spel en zie in die lach haar gefantaseerde toekomstbeeld waaraan ik niet kan voldoen, zelfs niet aan het minste, bijvoorbeeld een ouwe afgetrapte fiets. Maar dit hoeft zij niet te weten en ben best bereidt haar fantasiewereld voor een poosje te voeden, om te beginnen door haar bij het afrekenen een forse tip te geven. De bekende dankbetuigingen vallen mij ten deel, een Wai en stiekem een kushand als ik naar mijn auto op het parkeerterrein loop.


De volgende avond zit ik er weer. Heb mijzelf voorgenomen deze zelfde avond nog mijn slag te slaan. Vragen wanneer zij klaar is met werken en of zij dan zin heeft om met mij nog wat te drinken in de stad, waarmee ik bedoel aan de bar in een hotel zodat het niet veel moeite zal kosten om haar mee te nemen naar een kamer die ik voor een uurtje kan huren. Een uurtje moet genoeg zijn. Zo’n held ben ik nou eenmaal niet meer die rustig een uurtje of wat een opgedane vriendin verwend totdat de rook uit haar oren komt. Ik denk eerder dat ik na een half uur gewoon in slaap val. 

Ik zie haar rondlopen met dienbladen vol met gerechten die ik in feite verafschuw na ruim acht jaar dit soort voedsel tot mij genomen te hebben, maar voor een nieuw romantisch avontuur moet je wat over hebben dus bestel ik ook maar zoiets bij haar als zij aan mijn tafel verschijnt. Zij straalt, als zij mij ziet en noteert op haar kladblokje wat ik wil hebben. Ziet er goed uit, denk ik. Het lijkt wel of zij zich nog uitdagender heeft gekleed dan de avond hiervoor. Zou zij ook iets verwachten? Mijn aanzoek? Zij is vast benieuwd hoe ik het ga doen. Of ik al een mooie gouden ketting voor haar heb gekocht. Of een ring met een briljantje. Als het zo is, geef ik toe, zal zij denken. De verleiding zal voorlopig moeten komen van mijn sexappeal want van een investering in goud of briljanten is voorlopig geen sprake en ik weet tegelijk dat hier nooit sprake van zal zijn gezien mijn maandelijkse inkomen en een zwakke euro tegenover de baht. Maar, ik kan het wel veinzen, dat er iets in het vat zit, of beter gezegd, in een mooi doosje.

Met lange tanden eet ik mijn Thaise maaltijd en spoel het weg met bier. Zij heeft het druk met het bedienen van allerlei vervelende klanten die haar ongepaste complimenten maken waarbij zij commercieel in een brede lach haar hagelwitte gebit laat zien. Ik volg met mijn ogen wat er gebeurt, voel mij ligt onrustig, en steek voor de twaalfde keer een Marlboro op. Ik wacht. Ik wacht tot zij klaar is. Mij de rekening komt brengen. Dan sla ik toe. Dan vraag ik haar of zij mee gaat naar de stad. Dan zegt zij, een momentje, kom er zo aan. Dan, dan.

Het lange wachten wordt uiteindelijk vergoed door haar verschijning met de rekening. Ik zie haar aan komen lopen in mijn richting. Lachend zelfs. Lachend met naast zich een oudere vrouw die ook mijn richting uitkomt. Beiden staan zij naast mijn tafel en presenteert mijn schoonheid op een dienblaadje het bonnetje waarop het te betalen bedrag staat. Terwijl ik kijk en mijn portemonnee voor de dag haal, zegt zij:
‘This my Grandma. She is alone as well. She like to meet you. You okè?’
Ik kijk op van de rekening recht in het gezicht van oma en zie een ontelbaar aantal rimpels, een noodlijdend gebit, afgezakte mondhoeken, een vrouw van mijn leeftijd.
‘You okè,’ vraagt mijn schoonheid nog eens.
Ik stotter dat ik mij niet zo lekker voel. Misschien te veel bier heb gedronken. Dat ik maar eens op huis aan ga.
‘Mabey next time,’ laat ik er nog op volgen.















Dit verhaal en andere in de toekomst geschreven artikeltjes vervangen mijn bijdrage aan het Thailandblog. Vanaf heden wordt er alleen nog gepubliceerd op het blog van Dick van der Lugt. www.dickvanderlugt.nl
Hier vindt u ook een keur aan wetenswaardigheden en nieuws over Thailand. 
















Geen opmerkingen:

Een reactie posten